Thomas & Jonathan Berte / Koen De Leus

Stel je voor dat iedere baby die geboren wordt meteen de slimste mens is die ooit op aarde heeft rondgelopen. Dat ieder kind al van bij de geboorte nooit meer een fout zal maken die een ander mens ooit heeft gemaakt. Dat hij bijvoorbeeld het verschil tussen bak- en stuurboord al kent omdat jij dat ooit op je zeventiende leerde. Dat hij meteen weet dat de macht van zeven niet twaalf maar negenenveertig is. En dat iedere baby die na hem geboren wordt ook meteen al zijn kennis heeft gekregen?

Klinkt bizar, maar dat is precies wat er gebeurt met algoritmes, robots en de technologie waar we het elke dag over hebben. Iedere auto die bij Tesla van de banden rolt heeft meteen geleerd van alle fouten die hun vorige modellen - waar dan ook ter wereld - ooit gemaakt hebben. Wanneer Apple een nieuwe iPhone lanceert kunnen ze daarom steeds uitpakken met dezelfde zin: “This is the best phone we ever made.”

Aan die metafoor met die baby moet je voortaan denken wanneer het in de media over technologie gaat. Iedere seconde wordt artificiële intelligentie slimmer, sneller en efficiënter terwijl jij… deze nieuwsbrief zit te lezen. Ben je nog zeker dat je binnen dertig jaar je job zal kunnen uitvoeren, of is er tegen dan een stuk technologie dat beter is dan jij?

 Walt (links), de robot die Jonathan Berte en z'n team maakten

Walt (links), de robot die Jonathan Berte en z'n team maakten

Het is een vraag waar ik de afgelopen weken en maanden veel over heb nagedacht. Deze dinsdag, bijvoorbeeld, toen Jonathan Berte te gast was op Gent M. Als oprichter van Robovision is hij dagelijks bezig met de impact van artificiële intelligentie op de toekomst van werk. Met zijn bedrijf maakt hij intelligente robots die, bijvoorbeeld, planten herkennen.

Al van bij het begin van de avond intrigeerde Jonathan me, toen hij robots met mensen vergeleek. “In se functioneren ze allebei op dezelfde manier: het zijn motorische systemen die op basis van sensoren in de wereld kunnen fungeren.” Nou moe.

De sensoren en robots bestaan al enkele decennia, en worden bijvoorbeeld gebruikt in de lopende band in fabrieken. Het grote verschil met wat ons in de toekomst te wachten staat, is dat die robots voortaan een baanbrekende intelligentie zullen hebben die onszelf in vraag stelt.

Zoals de robot Walt, die Jonathan en zijn team bij Audi Brussel installeerden. “Daar hebben we voor het eerst deep learning in de auto-industrie kunnen toepassen”, vertelde hij. Walt is een robot die met mensen praat, een eigen karakter heeft en bijleert. Zo kan je hem aan de hand van gebaren vertellen aan welke auto hij moet werken. Het lijkt wel alsof de mensen voor de robots aan het werken zijn, en hoogstens nog de paar dingen uitvoeren die de robots niet kunnen.

Enthousiast sprak Jonathan over andere projecten waarbij artificiële intelligentie werd toegepast. Zo is er DeepL, een soort Google Translate op steroïden. “De makers ervan hebben hersenstructuren nagebootst die heel snel kunnen leren, waardoor hun systeem drie keer beter is dan die van hun concurrenten.”

 Het beeld op de cover van 'De Winnaarseconomie'

Het beeld op de cover van 'De Winnaarseconomie'

Niet alleen Jonathan zette me deze week aan het denken, ook Koen De Leus deed dat. Gisterenavond ging ik met hem in debat op de Boekenbeurs, waar we het over onze boeken hadden.

Als hoofdeconoom bij BNP Paribas is Koen dagelijks bezig met de toekomst van werk, waardoor hij de ideale kandidaat was om er een boek over te schrijven. In De Winnaarseconomie - aanrader! - gaat hij aan de hand van cijfermateriaal na wat de impact van de zogenaamde vierde industriële revolutie is. Een interessante uitspraak in zijn boek is er een van Hal Varian, Chief Economist bij Google:

“Wist je dat er nu meer bankmedewerkers zijn dan vóór de invoering van de bankautomaat? Er zijn minder medewerkers per kantoor, maar wel veel meer kantoren. Technologie kan het werk verminderen of wegnemen, maar dat betekent niet dat er daarom ook jobs verdwijnen.”

Toch zitten veel mensen met een (terechte?) vrees, omdat de omwenteling wel zeer snel gebeurt. Terwijl die bij vorige industriële revoluties meerdere generaties nodig had, gebeurt het nu op enkele jaren tijd. Of lijkt dat alleen maar zo?

 

Even ontnuchterend vond ik de voorlaatste uitzending van de podcast StartUp, die deze keer over zelfrijdende auto’s ging. Daarin leerde ik dat een mens makkelijk miljoenen kilometers rijdt voor hij een fout maakt, maar dat een zelfrijdende auto nog om de 50 à 200 kilometer geholpen moet worden door een mens. Of dat die auto’s nog steeds moeilijkheden hebben om dichte mist van een vrachtwagen te onderscheiden. De conclusie van de podcast? De marketing loopt voorop op de techniek, en het zal nog decennia duren voor we nog maar zullen beginnen met het wegnemen van mensen die de auto’s ‘helpen en corrigeren’.

Wie meer over de toekomst van werk wil lezen, moet absoluut het boek van Koen eens bekijken. Ook dit stuk van Roland Legrand, die ons gesprek gisterenavond modereerde, heeft me aan het denken gezet. Binnenkort komt de Gent M waarin Jonathan Berte te gast was als podcast online en zal er in De Morgen een stuk over verschijnen. Wil je zelf eens van gedachten wisselen over de toekomst van werk? Graag! Ik ben van plan om er voor Charlie Magazine (en een andere krant of tijdschrift, mijn inbox staat open) een langer stuk over te schrijven.

Mijn volgende nieuwsbrief wordt - als alles goed gaat - een heel speciale. Geloof mij. Tot die tijd zijn tips voor mensen die ik zou moeten interviewen altijd welkom via Twitter of door te mailen. Vergeet zeker niet aan je vader, buurmeisje of collega te zeggen dat ze zich voor deze nieuwsbrief kunnen abonneren door hun mailadres hier achter te laten!