The idiots are winning. #notinmyname

Deze tekst verscheen op het blog van Fredo De Smet. Fredo is gastheer en deeltjesversneller van GentM. Hij stuurt regelmatig een mailing met artikels over technologie en media en ook #GentM nieuws. Inschrijven doe je hier

---

VOEL JE HET OOK? Het optimisme? We leven, volgens historici, in het beste moment uit de geschiedenis van de mensheid. We hebben het nog nooit zo goed gehad! Echt? Het lijkt niet zo als je de krant openslaat. Correctie, je slaat helemaal de krant niet open. Je doet een nieuws-app open. Je kreeg een push bericht. Of je hebt een artikel in je feed gezien. (En daarin stond ongetwijfeld niets vrolijk.) 

De laatste weken stel ik me meer en meer vragen bij de rol van (voornamelijk) digitale media in onze beleving van de actualiteit. Ik sta hier niet alleen in, er duiken hier en daar interessante analyses en bedenkingen op. Sta me toe je te gidsen door een aantal van deze artikels en bedenkingen over hoe media onze (beleving van de) werkelijkheid (ver)vormt. 

 

Even drie jaar terug in de tijd, naar de winter van 2013. Ik stond op het punt een nieuw bedrijf op te richten. Niet dat het de eerste keer was, die ambitie, maar nu was er een missie, business plan, een economische nood en ook een naam. Het was serieus dus. Het zou een agentschap worden om bedrijven te helpen met hun strategie en campagne in experience marketing. 10 jaar muziek- en event entertainment maakte mij toeschouwer- en ook medeplichtig- aan hoe het traditionele product een commodity werd. Wat de rol van digitale media hierin was. En hoe ‘de ervaring’ zich als economische munt opwierp. Met die ervaring wilde ik iets doen voor andere bedrijven of organisaties. 

Een uitgebreide historie van de muziekindustrie en de experience economy kan je lezen in “The Age of Experience”.

Een uitgebreide historie van de muziekindustrie en de experience economy kan je lezen in “The Age of Experience”.

Een uitgebreide historie van de muziekindustrie en de experience economy kan je lezen in “The Age of Experience”.

Ik koos uiteindelijk een ander pad, en daar heb ik geen spijt van. Laat andere mensen maar met bedrijfsvoorheffing en belastingen worstelen. Maar de naam vind ik nog steeds veel belovend: Feel Inc. Want alles kan een beleving worden!

 

We kennen in Vlaanderen een aantal mooie voorbeelden uit de experience economy. We zijn er zelfs wereldleider in. Je kan het al raden, ik heb het over Tomorrowland. Niet de muziek was het oorspronkelijke product van dit festival, wel de fantasie en het design (van de podia tot de vuilnisbakken). En daarna, want die fantasie wereld werden we ook gewoon, vermarkten de twee broers de belofte op een toekomst en het gevoel verbonden te zijn (the people of tomorrow). Nu komt er gezond en lekker eten bij met het nieuwe merk Tastes of the World.

Ook traditionele media zoals VRT experimenteren succesvol met experience marketing. Studio Brussel verenigt Vlaanderen rond hoop en solidariteit tijdens De Warmste Week. Radio 1 startte bijna een burgerbeweging vanuit de Bel 10 studio in Brussel. En deze maand organiseerde MnM het strandfestival Start to DJ

 

Maar het hoeft niet steeds over evenementen te gaan. The age of exeperience manifesteert zich ook in nieuwe manieren om nieuws of content te brengen, en die vind vaak bedenkelijk of zelfs onrustwekkend dan positief. Zeker als het over nieuws gaat, hoeft de informatie niet ingepakt worden als een beleving, aangeboden als een event of uitgepuurd tot ‘het gevoel’. Als ik het over media heb, bedoel ik trouwens niet enkel de grote bedrijven zoals omroepen (bv televisie) of uitgevers (bv de krant), maar ook de digitale platformen waarop deze distributie plaatsvindt (bv Facebook) en -niet te vergeten- de ‘gewone man’ die zich meer en meer als distributeur gedraagt (met de gsm).

Toen de Turkse president Erdogan bijna tot gewone man werd gedevalueerd tijdens de staatsgreep bevestigde hij zijn status door een live FaceTime gesprek aan te gaan met de natie. Je zal de beelden wel gezien hebben van die presentatrice met haar telefoon in haar handen. Via FaceTime sprak Erdogan de natie toe en riep hij iedereen op om op straat te komen. Een president die Facetime-t met zijn bevolking om zijn macht te bewijzen, je zou het zo gek niet kunnen bedenken. En toch speelde die video- beleving een cruciale rol in de #TurkeyCouptAttempt. Een radio of video bericht had op voorhand opgenomen kunnen worden, een tweet door iemand anders verstuurd, maar dit was echt. Live and direct. Via een witte iphone 6!

Ik was zo verbaasd door dit beeld dat ik het moeilijk had om het te geloven. Het leek allemaal too good to be true voor Erdogan. Vooral omdat hij niet zo lang geleden het internet nog een bedreiging voor de maatschappij noemde. Je mag niet vergeten dat Twitter een grote rol speelde in de protesten rond het Gezipark. In 2014 gaf Tufecki een TED talk waarin ze spreekt over de belangrijke rol van social media in volks opstanden en protesten. Ze argumenteert ook dat we digitale media niet mogen overschatten. Het lijkt alsof ze het met spijt in haar hart zegt, want de opstanden in 2013 leidden nergens toe. 

Enkele dagen en 10.000 tweets later deed Tufecki haar relaas van de nacht van 15 juli. In dit artikel beschrijft ze hoe die nacht geen limiet op data verbruik had. "When I was stuck at the airport in this city in southern Turkey, on Friday night, I had many things to worry about. A coup attempt had just begun and the country was in turmoil. … One thing I did not have to worry about, though, was running out of data on my phone. In the early morning hours, Turkey’s leading cellphone provider topped up the internet allowance of every subscriber.” Hoe digitale media zowel een tool voor democratie als voor autoritarisme kan zijn. In 2013 noemde Erdogan de twitter-gedreven volksopstand nog een coupt attempt, nu spreekt hij de natie toe via zijn smartphone om te zeggen dat alles oké is. 

Of misschien was die facetime netjes gepland. Enerzijds om een teken van leven te geven, maar ook om sympathiek over te komen. Het had in ieder geval veel weg van een snapchat gesprek. Een nieuwe mijlpaal in de geschiedenis: de selfie-coup!

Zullen we ooit de waarheid kennen? Ik denk het niet. Er is namelijk nog een ander effect. Niet enkel de toestellen of media die we gebruiken hebben een invloed op onze beleving van de werkelijkheid, ook de toon hoe nieuws wordt gebracht en de manier waarop het wordt verspreid zijn bepalend."Social media has swallowed the news – threatening the funding of public-interest reporting and ushering in an era when everyone has their own facts. But the consequences go far beyond journalism” schrijft Katharina Viner in The Guardian. Ze legt uit hoe in de context van de Brexit, volgens haar, het remain kamp geen kans op winnen had. Social media heeft de waarheid ontwricht. De miljonair en Ukip-donor Arron Banks vertelde The Guardian dat “What they said early on was ‘Facts don’t work’, and that’s it. The remain campaign featured fact, fact, fact, fact, fact. It just doesn’t work. You have got to connect with people emotionally. It’s the Trump success.” Het is een effect dat je in mindere mate ook bij ons ziet gebeuren in de media. Het gevaar hierin is dat deze emotionele feiten vaak lijken op de dingen die de lezer zelf voelt, zoals angst, waardoor het moeilijk is ze te onderscheiden van een 'echt feit’. 

“When “facts don’t work” and voters don’t trust the media, everyone believes in their own “truth” – and the results, as we have just seen, can be devastating.”
— The Guardian

Dan resulteert een referendum in een uitslag die niet in onze verwachtingen van de werkelijkheid paste. Een uitslag die mensen achteraf in de plaats van voordien naar google lokte.  Alsof mensen niet wisten waar het referendum eigenlijk echt over ging. Iets dat moeilijk te geloven is, in een wereld met een 24/7 nieuws en informatie-stromen. En toch is het goed mogelijk dat vele mensen het nieuws van het andere kamp niet of zelden zagen. "We’re getting countries where one half just doesn’t know anything at all about the other." We hadden het over de filter bubble in onze podcast met Saskia Scheltjens. Grote (social) media bedrijven (Facebook op kop) doen hun uiterste best om een persoonlijk aanbod te ontwikkelen voor elke gebruiker. Je ziet updates op basis van je profiel, je gedrag en dat van je vrienden. Het is een internet fenomeen waar we mee om moeten leren gaan. Maar we moeten ook oppassen voor "the power of the filter bubble – and the serious civic consequences for a world where information flows largely through social networks” schrijft Viner in The Guardian. Een must read. 

Natuurlijk is het niet allemaal de schuld van de media en de technologieBij de New York Timeshebben ze de hand in eigen boezem gestoken. "As the media anxiety around media anxiety began to crescendo this spring, we at New York decided to turn our journalistic operation in on itself to investigate just how bad the media really is.” Ze ondervroegen collega’s nieuwsmakers naar hun rol in de actualiteit. Het is een lijvig dossier, waarvan de subtitels als een manifest leest: 

News is an entertainment business, even if it pretends otherwise. 
So it doesn’t know how to handle serious issues. 
Gets addicted to conflict. 
Loves simple heroes. 
And simple villains. 
Reduces complexity to comfortable narratives. 
And is desperate to be respected, which produces blindness. …

En het gaat nog door: Journalists are easily bored. Especially by good news. Unfortunately, so are readers, who are hard-wired for panic. Which editors, producers, and publishers know. Opmerkelijk hieraan is dat dit een onderzoek voor en door mediamakers is. Elke rubriek wordt van commentaar voorzien door een media professional. Het artikel kreeg de klinkende titel: "The Case Against The Media. By The Media.” "In interviews with more than 40 journalists and media figures and in a survey of 113 of our peers, we heard much about deals cut with anonymous sources, the pressure for speed and easy hits that squeezes the nuance out of complicated stories, editors who knowingly simplified stories past the point of accuracy and publishers who spent resources on subjects they believed were trivial rather than those they felt were important. At times, the survey’s answers read like the minutes from an anonymous group-therapy session.” 

 

Het is een interessante biecht van een generatie journalisten die het publieke vertrouwen van ooit zagen veranderen in de digitale marktplaats waarin ze vandaag werken. Alles moet sneller, emotioneler en conflict gerichter… Ik hoor je denken: dat is een overdrijving. Dat is een veralgemening. En veralgemenen mag niet (waarom niet eigenlijk?). Maar er is ook onderzoek naar gedaan. De London School of Economics bestudeerde in het kader van het referendum de framing van Jeremy Corbyn door de pers. In deze animatie leggen ze uit hoe de media de rol van waakhond inruilde voor die van jachthond. Het was deel van een berichtgeving die, zoals je weet, uitdraaide in een situatie dat niemand echt geloofde. Groot-Brittanië besliste op een democratische manier om de EU te verlaten. Hashtag: #NotInMyName. 

Het is slechts een indruk, maar ik heb het gevoel dat veel mensen nu pas hetzelfde scenario voor de VS durven geloven, nu Trump officieel kandidaat voor de republikeinen is. Donald Trump als president van de VS, het leek ondenkbaar. THE IDIOTS ARE WINNING, stuurde een vriend me deze week via sms. Hij schreef het in hoofdletters- om precies te zijn- wat de uitspraak nog kwader deed overkomen. De sms was een reactie op een recente poll waaruit blijkt dat Trump het voor het eerst beter dan Clinton doet. Ik troost mezelf met het feit dat “The Idiots are Winning” ook een album van James Holden is, waar die vriend en ik allebei van houden. En dat hij daarom die woorden gebruikte… dus niet echt bedoelt dat de idioten aan het winnen zijn? Welke idioten? Welke wedstrijd? Het is in ieder geval een uitspraak die blijk geeft van een groter gevoel van angst: waar gaat de wereld naartoe? Komt dit ooit goed? Of meer precies: komt het ooit terug goed? Insert emoji: Crying face.

 

Wat betekent dit bericht, vroeg ik me af? Het grootste probleem van zo’n uitspraak is dat er überhaupt een overwinning uit spreekt. Alsof het een strijd is tussen de 48 procent die wel redelijk is (‘remain’) en de 52 procent die dat niet is (‘leave’). Bij de verkiezingen in de VS zal het numeriek verschil misschien nog kleiner zijn, maar de media- kloof des te groter. Media- content voor zij die beslissen hun rijkdom te beschermen, het ons-gevoel klein te houden. Tegenover content voor zij die geloven rijker te worden door zich open te stellen, het ons-gevoel te delen met iedereen. Ja, ik weet het, het is een vereenvoudiging die de werkelijkheid oneer aandoet. Maar het schetst wel hoe digitale media werkt. 

james-holden-the-idiots-are-winning.jpg

De titel van dit album was een verwijzing naar de geniale satire Nathan Barley: rise of the idiots. 

STA MIJ TOE DIT NOG EVEN VERDER UIT TE LEGGEN- ALS BESLUIT: 3 GEDACHTEN.

Dat nieuwe of sociale media mensen kan verbinden is niet nieuw. Dat dit ook geldt voor mensen met slechte bedoelingen is niet de schuld van die media, zoals Sofie Verhalle schreef in haar opiniestuk. “Ik heb het nog niet over de inhoud gehad. Wel, sociale media zijn niet intrinsiek goed of kwaad. Ja, er zijn heus wel verschillen in privacy, versleuteling en gebruiksmogelijkheden, maar in se zijn platformen neutraal. Het is een heikel evenwicht tussen privacy, censuur en Big Brother. Als een netwerk toelaat dat berichten geraadpleegd kunnen worden door derden, zet het daarmee de deur wagenwijd open naar misbruik in beide richtingen. Voor iedere potentiële terrorist die dankbaar onder de radar blijft van de autoriteiten is er een activist die probeert een dictatuur omver te werpen.” 

Je kan platformen neutraal noemen, maar wat me opvalt is dat social media het erg moeilijk heeft om de brug te bouwen tussen terrorist en activist. Een brug tussen links en rechts, tussen rood en blauw, tussen boven en onder, tussen leave en remain, tussen Clinton en Trump. We zijn oeverloos onbeholpen als het over bruggen bouwen gaat tussen mensen die echt anders denken. En dat is wat Eli Pariser bedoelde toen hij zei dat the filter bubble een gevaar voor de democratie is. 

Het doet er mij aan denken dat ik nog eens naar How Life Works #7 moet luisteren, de aflevering waarin Saskia Scheltjens praat over informatie en organisatie. Dat brengt me overigens bij het tweede punt. Het internet heeft het ook makkelijk gemaakt om alternatieve media organisaties of uitgevers op te zetten. Politifact is zo’n platform dat ik de laatste tijd soms raadpleeg. Het is een website "that rates the accuracy of claims by elected officials and others who speak up in American politics. PolitiFact is run by editors and reporters from the Tampa Bay Times, an independent newspaper in Florida, as is PunditFact, a site devoted to fact-checking pundits." Prachtig initiatief dat deze illustratie maakte.

Of De Correspondent, een online magazine dat geen uitleg meer behoeft. Hoop ik. Ze willennieuws brengen voorbij de waan van de dag en doen dat wat mij betreft voortreffelijk. Dat is voor mij de essentie van De Correspondent. Ik lees de artikels eigenlijk nogal onregelmatig, maar ik weet wel wat ze voor mij betekenen. En dat is iets dat ik bij andere media soms mis: het bewust-zijn van welke waarde je wil creëren. 

 

Een voorbeeld van een mooi stuk uit De Correspondent? Deze van Rob Wijnberg: Waarom reageren op aanslagen per definitie verkeerd uitpakt (ongeacht de reactie). Op zich is het geen goed voorbeeld voor De Correspondent waarin de artikels vaak historische stukken zijn met veel bronnenonderzoek. Deze column is vooral een persoonlijke zucht van de uitgever. “Het grote probleem is dat er, op aanslagen zoals in Brussel, Parijs of Nice, en evenmin in Istanbul, Baghdad of Aleppo, geen juiste manier van reageren is. Dat begint al bij de aandacht die je eraan besteedt. Geef je de aanslag overweldigend veel aandacht, zoals nu altijd het geval is in ons op sensatie gerichte mediasysteem, dan doe je daarmee al van alles verkeerd: je geeft de aanslagplegers precies wat ze willen; je vergroot de angst in de samenleving; je draagt bij aan polarisering tussen bevolkingsgroepen; je maakt de perceptie van dreiging groter.” Niet alleen spreekt Rob Wijnberg over de paradox van nieuws en actualiteit waarover ikzelf - zoals je merkte - ook vaak nadenk.

Het gaat ook verder. Wijnberg geeft ook een antwoord. Een beschouwing die ik nergens voorheen las. Ik wil er dan ook graag dit schrijven mee afsluiten (en in mijn hoofd aan een ander essay beginnen): “Het probleem is alleen: zowel ons journalistieke als politieke bestel is in zijn kern een reactief systeem. Een systeem dat de wereld uitsluitend in beeld brengt en benadert in de vorm van gebeurtenisrespons: er gebeurt iets, er wordt massaal aandacht aan gegeven, er worden maatregelen verwacht, er worden maatregelen afgekondigd - en onderliggend blijft alles hetzelfde. Anders gezegd: de manier waarop nieuws de wereld toont, en daarmee de politiek dwingt op die wereld te reageren, bestendigt hoe die wereld is.

En dat in een wereld die zo aan het veranderen is. 

 

Denk je ook na over de impact van technologie op ons leven? Vond je dit artikel interessant? Schrijf je dan in op mijn Revue mailing. Ik schrijf er ook over all things GentM.